Volg ons op Facebook voor het laatste nieuws.

Tomorrow, Wednesday 27 January 2021, at 20:35 on NPO1 we will host the show "TUSSEN KUNST EN KITSCH". We will dive… twitter.com/i/web/status/1…

RT @azizbekkaoui: Trots dat ik kan mededelen dat ik de kostuums ga ontwerpen voor theaterproductie #Antigone #Regie is in handen van @A_Da…

Kijk op deze site naar de actuele workshops.

Preview Cobra Magazine editie najaar | winter 2020/2021: Claude Cahun was niet zó bijzonder

Claude Cahun was zijn tijd niet vooruit. Dat betekent niet dat hen niet bijzonder was. Maar het idee dat Cahun haar tijd (1894-1954) ontsteeg, omdat ze eigenwijs en radicaal aan genderhokjes tornde en een homo liefdesleven leidde, verbloemt het feit dat ze nu (2020) om precies dezelfde redenen vooruitstrevend zou worden genoemd.

Tekst door Simon(e) van Saarloos

Je hoort het vaak: ‘ze wisten destijds niet beter’ of  ‘zo dacht men er toen over’. Met zulke verzuchtingen wordt de radicaliteit van een kunstenaar als Cahun bevestigd: hen was een uitzondering, ongelooflijk dat zulk genderspel toen al bestond! Hoe oprecht die verbazing ook is, Cahun’s moed wordt daardoor te veel in de context van een specifieke tijd geplaatst. Het is logisch om zo naar tijd te kijken, want dit is precies hoe we tijd leren beleven: als een stijgende lijn, waarbij verleden, heden en toekomst te onderscheiden zijn. Een samenleving wordt vanzelf steeds minder conservatief, is het idee. Denk bijvoorbeeld aan de wijze waarop staatssecretaris Halbe Zijlstra op nationale televisie verkondigde dat de karikatuur Piet onvermijdelijk zou veranderen, maar dat dit niet te vlug kan worden afgedwongen. Jonge mensen zijn radicaal, oude mensen haten verandering. Zo is er constante vernieuwing. Maar dat ideaal van vernieuwing, wist ook een boel uit: queer en transgender personen zijn er namelijk altijd al, en overal. Op veel plekken in de wereld bestonden en bestaan mensen voorbij het binaire man en vrouw, zoals ‘third gender’ of ‘two-spirit’ – en dit zijn slechts enkele termen die in het Engels bekend zijn. Koloniale onderdrukking heeft veel van deze genderuitingen gewist en vernietigd door een wettelijk verbod op homoseksualiteit en travestie.

De kwetsbaarheid van een lhbtq-leven wordt niet bepaald door het lhbtq-zijn, maar door de drukkende, dominante heteroseksualiteit die maatschappelijk zo opgelegd is dat het geen ideologie lijkt, maar een ‘natuurlijke’ samenlevingsvorm.

Om heteroseksualiteit en gender binariteit – een wereld opgedeeld in man en vrouw – voort te laten bestaan als meest normale vorm, moet het enigszins progressief verschijnen: het moet iets zijn waar mensen zich vanuit zogenaamde achterstelling naartoe kunnen ontwikkelen. Door een stijgende lijn te schetsen van toenemende vrijheid, met steeds een beetje meer ruimte voor fluïditeit, experiment en genderqueer-expressie, hoeft de norm niet wezenlijk te worden aangetast.

De verbijzondering van personen als Claude Cahun en geliefde Marcel Moore hoort daarbij: het moet lijken alsof Cahun een uitzondering was in haar eigen tijd, omdat die tijd moet worden verstaan als homofober en conservatiever dan nu. Het nu heeft daar baat bij. Op Instagram zag ik onlangs een foto van kunstenaar Kamil Oshundara met een trui waarop stond: ‘Fuck Your Racist Grandma’. Deze leus bevestigd het idee dat je oma natuurlijkerwijs een beetje racistisch is ­– dat hoort nu eenmaal bij haar tijd. Racisme wordt daarmee in het verleden geplaatst, waardoor het heden vrijuit gaat. Het creëert het idee dat er nu niet veel hoeft te worden gedaan, omdat we vanzelf naar een minder racistische samenleving bewegen. Dat is niet waar. En met gender en lhbtq-leven geldt hetzelfde: we worden niet langzaam maar zeker vrij en meervoudig. Cahun stond niet boven haar tijd. We waren er in iedere tijd. Net zo goed als antiracisme, activisme en verzet ook altijd al bestonden – ook in tijden die wij nu als algemeen ongelijkwaardig en oneerlijk bestempelen.

Claude Cahun, Claude Cahun met gevlochten pony/Claude Cahun with plaited fringe, 1917 met dank aan/courtesy of Jersey Heritage Collections

Uit het zicht

Ga ik naar Cahun op zoek, dan ontmoet ik steeds de vraag: wie was Cahun? Ook wordt bevraagd welke voornaamwoorden Cahun zou gebruiken: hen of zij? De vraag is fijn, maar zodra er wordt geprobeerd om een daadwerkelijk antwoord vast te leggen, wordt het algauw problematisch. Het ontleden van een persoon, het streven om de identiteit te begrijpen, komt namelijk voort uit hetzelfde binaire denken dat gender in twee strikte categorieën splijt. Binariteit leidt tot duidelijkheid en helderheid. Dat hokjes denken, wordt vaak als noodzakelijk gezien: wij mensen zouden dat nodig hebben. Daarmee wordt voorbijgegaan aan het feit dat deze ordening van de wereld een kennissysteem is. Een waarheid, niet De Waarheid.

Helaas wordt dit binaire denken ook vertolkt in modern neurologisch onderzoek, waarbij de hersenen van transgender personen en homo’s onder de loep worden genomen. Het ontleden van hun hormonale structuur zou een eenduidig antwoord moeten bieden op de vraag: waarom zijn zij zo? De wetenschappers in kwestie hebben goede bedoelingen, velen van hen willen dat het bestaan van lhbtq-ers wordt geaccepteerd, ook al gaan zij voorbij aan alle tussenvormen van genders en seksuele expressie doordat ze alleen naar bekende hokjes in de hersenen kunnen zoeken.

De zoektocht naar een biologische oorsprong van queer-gedrag is uiteindelijk niet emancipatoir, het beperkt juist: we leren dat ongeveer tien procent van de bevolking lhbtq is. Dat stelt de overige negentig procent veilig. Wie het is, is het. Wie het niet is, hoeft ook niet te vrezen dat je het plotseling krijgt.

Wat de wetenschappers vergeten, is dat het meeste leven, het meest uitbundige queer-leven, onzichtbaar plaatsvindt, buiten het oog van de microscoop, buiten de taal die als een diagnose klinkt. Queer-taal is voortdurend in ontwikkeling. Die constante verandering is niet bedoeld om dichterbij de kern te komen. Een eigen vocabulaire is niet bedoeld om te worden begrepen door de meerderheid. Taal wordt niet aangescherpt om begrijpelijk te klinken, maar juist om de grip van de norm te vermijden. Taal ontwikkelt zich niet alleen om dingen zichtbaar te maken. Nieuwe termen en verwijzingen worden ook ingezet om uit het zicht, onderling, te blijven.

Voor mij spreken de foto’s van Cahun niet als een bewijs van queer-bestaan in het verleden of als representatie van een aangeboren tien procent, maar als een voorbeeld van wat mogelijk is en nog kan komen.

De ouders van Cahun en Marcel Moore trouwden met elkaar en zo werden Moore en Cahun officieel zussen. Voor Cahun en Moore was dat wel handig. Zo was het volstrekt normaal dat ze samen reisden en voor elkaar zorgden. Vanuit de huidige zichtbaarheidscultus bezien, waarbij lhbtq-ers ‘uit de kast’ moeten, leefden ze hun liefde verstopt. Maar verstoppertje is ook een oefening in verzet. Tijdens de Tweede Wereldoorlog verkleedden Cahun en Moore zich om militaire bijeenkomsten binnen te dringen. Ze stopten kritische, zelfgemaakte collage-gedichten in de zakken van Duitse soldaten.

Cahun zelf gaf aan soms mannelijk, soms vrouwelijk te bewegen, afhankelijk van de omstandigheden. Queer is in die zin reactief. Het is geen identiteit, maar een uiting van protest. Toen en nu. Cahun was niet queer ondanks of buiten de tijd waarin Cahun leefde. Cahun en Moore waren precies zo queer als hun tijd dat nodig had.

Claude Cahun & Marcel Moore, Claude Cahun in kast/Claude Cahun in cupboard, 1932 met dank aan/courtesy of Jersey Heritage Collections

Simon(e) van Saarloos is filosoof en schrijver van de boeken Herdenken herdacht, Enz. Het Wildersproces, De vrouw die en Het monogame drama (in het Engels verkrijgbaar als Playing Monogamy).

Simon(e) van Saarloos, fotograaf: Ashley Röttjers

Deze tekst verscheen oorspronkelijk in de najaar | wintereditie 2020/2021 van het Cobra Magazine. Deze editie van het Cobra Magazine is in het najaar en voorjaar van 2021 gratis af te halen in het museum tijdens openingstijden (zolang de voorraad strekt).

Schrijf u in voor de Cobra Museum nieuwsbrief