Op dit moment zijn we gesloten

Volg ons op Facebook voor het laatste nieuws

RT @NPORadio1: Kritische kijk op hedendaagse gebeurtenissen. @cobramuseum-directeur @xanderkarskens in @LangsdeLijnEO: https://t.co/A5Q4bP2…

RT @LangsdeLijnEO: Het @cobramuseum van directeur @xanderkarskens stond vanavond bij #LDLEO in het zonnetje. Luister terug: https://t.co/de…

Kijk naar onze CoBrA Summerschool en Zomerse Zondag Workshop!

Lucebert

-

Amsterdam 1924, Alkmaar 1994

Lucebert werd als Lubertus Jacobus Swaanswijk op 15 september 1934 geboren te Amsterdam. Hij was actief als dichter, schrijver en schilder. Lucebert had van jongs af aan een diepe belangstelling voor schilderkunst en literatuur. Als jongen van twaalf jaar schreef en tekende hij stripverhalen. Hij bezocht in 1938 de Kunstnijverheidsschool in Amsterdam, die hij echter na een half jaar weer verliet. Hij bleef tekenen en gedichten schrijven; als schilder was hij in feite autodidact. Na de oorlog koos hij voor het vrije kunstenaarschap en veranderde hij zijn naam in Luce(=licht)bert. In 1948 werd zijn dichtwerk ontdekt door de experimentele dichter Gerrit Kouwenaar (1923-2014) die hem introduceerde bij de leden van de Experimentele Groep in Holland (1948). Hij nam in 1949 als dichter en tekenaar deel aan de eerste Cobra tentoonstelling in het Stedelijk Museum in Amsterdam en stapte daarna weer uit de beweging. Hoewel slechts kort en zijdelings bij de Cobra beweging betrokken, was zij voor Lucebert van fundamentele betekenis. Cobra stimuleerde hem om in volle overtuiging te kiezen voor experiment en vrijheid. De mythen die hij in zijn experimentele schilderijen en in zijn elitaire gedichten creëerde waren geënt op de wereld van mensen en beladen met literaire toespelingen. Zijn grote voorbeelden waren behalve de schilders Pablo Picasso (1881-1973), Paul Klee (1879-1940), Max Ernst (1891-1976) en Jean Dubuffet (1901-1985), vooral de Duitse vooroorlogse schrijver Kurt Tucholsky (1890-1935) en de dichter Friedrich Hölderlin (1770-1843). Lucebert beschikte over een rijk repertoire aan onderwerpen. In de begintijd maakte hij realistisch illustratieve en meer literaire tekeningen en grafiek in de trant van Picasso. Tot deze categorie behoren de maatschappij-kritische tekeningen en de karikaturale ironische visie op de mens en de wereld in de latere schilderijen.Vanaf 1949 ontstond in zijn tekeningen en gouaches een originele Cobra invloed. Hij tekende met een opzettelijk onbeholpen lijnvoering over een ondergrondstructuur van stippels, lijntjes, kruisjes en rondjes de hele mytische Cobra wereld van fantasiewezens met krachtig omlijnde figuren en met een eenvoud zoals van de kindertekening. Tot 1951 heeft hij peinture-mots (woordschilderingen) gemaakt, een synthese van schilderkunst, teken- en dichtkunst. Daarna richtte hij zich op het tekenen van illustraties en boekomslagen voor eigen dichtbundels en literaire producten, en op het dichten. Pas in 1956 begon Lucebert olieverfschilderijen te maken. Wel is hij altijd doorgegaan met tekenen. Zijn tekeningen uit 1960 doen denken aan de droomcomposities met poëtische kleuren van Klee en aan de dorre woestijnlandschappen van Corneille (1922-2010). Ook de spat-, stippel- en streepjestechniek van Carl-Henning Pedersen (1913-2007) verwerkte hij. Gezien als de meest gewaagde experimenteel onder de dichters, werd hij in 1953 door een criticus “Keizer der Vijftigers” genoemd. Deze naam had Lucebert voor het eerst gebruikt in zijn hilarische gedicht “Verdediging van de 50-ers”, dat in 1949 verscheen in het tijdschrift Cobra No. 4. De kern van de 50-ers bestond uit de dichters van de Experimentele Groep in Holland en Cobra: Jan Elburg (1919-1992), Gerrit Kouwenaar en Lucebert. Zij waren fel in het veroordelen van de dichtkunst die aan hen voorafging en gooiden alle conventies inzake rijm, woordgebruik en syntaxis omver. Lucebert oogstte succes. In 1951 werden zijn gedichten door Simon Vinkenoog (1928-2009) opgenomen in de bundel “Atonaal” en in 1954 won De Keizer der Vijftigers de poëzieprijs van de stad Amsterdam. In 1958 had Lucebert zijn eerste solotentoonstelling in galerie Espace. Kort daarop verwierf hij internationale bekendheid. In 1959 nam hij deel aan de Documenta II in Kassel en in 1964 exposeerde hij op de Biënnale van Venetië en debuteerde hij in New York. In de daarop volgende jaren was zijn werk te zien op diverse nationale en internationale tentoonstellingen.

Schrijf u in voor de Cobra Museum nieuwsbrief