Op dit moment zijn we gesloten

Volg ons op Facebook voor het laatste nieuws.

Today is #museumselfieday @cobramuseum Installing the exhibition Eugène Brands: From Studio to Universe pic.twitter.com/gRR9MTvrgb

Enthousiaste bespreking van The Aalto Natives door @kunstmeisjes: 'de scherpe maatschappijkritiek [...] verpakt in… twitter.com/i/web/status/9…

Kijk op deze site naar de actuele workshops.

Jan Elburg

-

Wemeldinge 1919, Amsterdam 1992

Jan Gommert Elburg werd op 20 november 1919 geboren te Wemeldinge. Hij is voornamelijk bekend als dichter en schrijver, maar heeft daarnaast altijd tekeningen, schilderijen, collages en objecten gemaakt. Hij publiceerde vanaf 1941 gedichten. In 1948 kwam hij als eerste Nederlandse dichter in contact met de Nederlandse Experimentele Groep in Holland. Elburg begon in deze periode met het publiceren van zijn experimentele verzen. Tegelijkertijd hield hij zich in zijn beeldend werk bezig met materiaalexperimenten en vervaardigde hij surrealistische collages. Op de tentoonstelling in het Stedelijk Museum in 1949 zat Elburg samen met Gerrit Kouwenaar (1923-2014), Lucebert (1924-1994) en Bert Schierbeek (1918-1996) in de kooi van de experimentele dichters. Gezamenlijk wezen zij demonstratief naar de tekst die in de kooi was aangebracht: ‘Er is een lyriek die wij afschaffen’. De dichters van Cobra meenden dat de dichter en zijn kunst steeds verder verwijderd waren geraakt van de samenleving. In de oorspronkelijke toestand waren taal en poëzie een geheel en nog verbonden met de menselijke maatschappij. In de kunst van primitieven, volkskunst en in de uitingen van kinderen meenden zij nog iets van die oorspronkelijke functie van kunst te onderscheiden. Zij inspireerden zich aldus op volksliedjes, kinderversjes en bakerrijmpjes en probeerden woorden een magische of bezwerende functie te geven. Elburg verliet in 1949, een dag voor de rel die ontstond op een voordrachtsavond van de experimentele dichters in het Stedelijk Museum, de Experimentele Groep in Holland. Zijn collage La putain de classe waarin hij over het hoofd van Titiaan’s Venus van Urbino het hoofd van een oude vrouw had geplakt en waaraan hij enkele glurende boeren had toegevoegd veroorzaakte zo veel verontwaardiging dat de verkoop van het Cobra tijdschrift no. 4, dat een reproductie van dit werk bevatte en dat fungeerde als catalogus voor de tentoonstelling, werd verboden. Evenals Kouwenaar werkte Elburg na de Cobra periode nog slechts sporadisch samen met schilders. In 1950-1951 verleende hij zijn medewerking aan het literaire tijdschrift Braak. In 1951 werd zijn werk door Simon Vinkenoog (1928-2009) opgenomen in de bundel Atonaal en in 1954 had hij zitting in de redactie van het tijdschrift Podium. Elburg ontwikkelde zich tot één van de voormannen van de zogenaamde Vijftigers. Van zijn hand verschenen vele dichtbundels. In 1976 werd hem de Constantijn Huygensprijs toegekend voor zijn gehele poëtische oeuvre. Van 1952 tot 1982 was Elburg docent ruimtelijke vormgeving aan de Amsterdamse Kunstnijverheidsschool (later Rietveldacademie). Zijn schilderijen, objecten en collages zijn te zien geweest op diverse tentoonstellingen.

Schrijf u in voor de Cobra Museum nieuwsbrief